In artikel 1 van de Nederlandse grondwet staat dat discriminatie verboden is. Het verbod op discriminatie is nader uitgewerkt in andere wet- en regelgeving o.a. in het Wetboek van Strafrecht en in de Algemene wet gelijke behandeling (AWGB). Voor meer informatie over wetgeving kunt u kijken op www.wetten.overheid.nl


Vrijheid van meningsuiting

Het verbod op discriminatie wordt vaak verward met 'niets meer mogen zeggen tegen of over anderen'. Maar vrijheid van mening en het discriminatieverbod staan niet tegenover elkaar. Beide grondrechten zijn even belangrijk. Er is in onze wet veel ruimte voor het uiten van je mening, zoals past in een democratie. Je kunt je stem laten horen, en anderen aanspreken op hun gedrag. Maar vrijheid van meningsuiting is níet onbeperkt. Er is namelijk nog zoiets als 'ieders verantwoordelijkheid volgens de wet'. Dat wil zeggen dat als grondrechten botsen, er per situatie wordt gekeken of het ene belang zwaarder weegt dan het andere. De grens ligt bij het wettelijke verbod op het beledigen van iemand vanwege groepskenmerken of het aanzetten tot haat of discriminatie van groepen vanwege ras, godsdienst, politieke voorkeur, of andere kenmerken.

 

Europese wetgeving

Naast Nederlandse wetgeving is er internationale regelgeving. Europese richtlijnen worden in Nederlandse regels verwerkt. Voorbeeld hiervan is artikel 13 van het Europees Verdrag, dat lidstaten in staat stelt om richtlijnen uit te vaardigen ter bestrijding van discriminatie. De lidstaten verbinden zich aan implementatie in de eigen wetgeving. Het Internationaal Verdrag inzake de Uitbanning van alle vormen van Rassendiscriminatie (IVUR) is een verdrag waarop burgers een beroep kunnen doen. Lidstaten moeten elke twee jaar rapporteren hoe het er in hun land voor staat.